Steun ons en help Nederland vooruit

maandag 1 oktober 2018

Waarom Laren en Blaricum niet naar een andere provincie gaan

Woensdag 26 september 2018 werd in de Raad van Laren een motie besproken van VVD, LB en Liberaal Laren waarin zij het college opdroegen een brief te schrijven naar de Minister van Binnenlandse Zaken om de provinciegrens Noord-Holland/Utrecht te wijzigen zodat gemeenten Laren en Blaricum voortaan in Utrecht zouden liggen. Doel: zelfstandig blijven.
Hieronder de tekst van Nico Wegter, fractievoorzitter van D66 Laren om het standpunt van onze fractie duidelijk te maken.

Mevrouw de voorzitter,

Langzamerhand vrees ik dat de meeste collega’s hier rond de tafel, laat staan de burgers van Laren,  er nog iets van begrijpen. Jarenlang doet de meerderheid van deze raad inclusief het College verwoede pogingen om het vermaledijde perspectief van fusie om zeep te helpen, maar iedere keer viert de onderlinge verdeeldheid binnen de Gooi- en Vechtstreek hoogtij en wordt elke optie onderling afgeschoten.

Als laatste gold de zogenaamde meervoudige Centrumgemeente regeling die, in plaats van fusie, moest leiden tot verbeterde samenwerking tussen Huizen, Blaricum en Laren en daarmee gelijkertijd een bijdrage aan de zo nodige versterking van de bestuurskracht in de regio.

Want daar is die meerderheid het over eens:  aan dat laatste schort inderdaad het nodige. Alle reden dus, zo werd voortdurend geroepen, een gezamenlijke Gooise vuist te maken , bijvoorbeeld in het kader van het MRA-overleg (Metropool Regio Amsterdam),  een dossier waar we eerder vanavond over hebben gesproken. Immers alleen dan hebben we invloed op majeure beslissingen zoals de mogelijke ondertunneling van de A1 en het verdwijnen van al die spoorwegovergangen dwars door de bebouwing zoals in Gooise Meren.

Maar plotseling wordt uit een geheel nieuw vaatje getapt , hoewel moet gezegd: Liberaal Laren roept het al jaren: de Gooi- en Vechtstreek zal ons worst wezen, Huizen zoekt het voortaan zelf maar uit, we gaan naar de provincie Utrecht, en dat met slechts één bedoeling : hoe dan ook de zelfstandigheid van Laren en Blaricum bewaren.

Want om dat laatste gaat het kennelijk : na alle doodlopende alternatieve opties  geldt nog steeds het  axioma: blijvende zelfstandigheid; of de belangen van de burgers daarmee op termijn gediend zijn, is daarbij slechts ten hoogste een afgeleide vraag, niet de kern waar het om draait.

Ik kreeg vandaag een mail van een bezorgde burger die schrijft: welke prijs moeten we betalen voor het ontvlechten van de Gooise wortels? Het sociaal domein is volledig verweven met het Gooi. Eigenlijk het enige domein dat, na noest inwerken van alle betrokkenen eindelijk een succes kan worden genoemd . En wat moet er bijvoorbeeld gebeuren met Crailo, waar gezamenlijk met Hilversum en Gooise Meren een majeur project wordt opgezet en waar Laren duidelijke verplichtingen op zich heeft genomen? En wat gaat dit betekenen voor de ontbinding van de vele bestaande Gemeenschappelijke Regelingen? Kunnen  we daar zo uitstappen? En wat gaat dat kosten?

Mevrouw de Voorzitter:

deze burger slaat de spijker op z’n kop. De nieuw beleden koers is volstrekt ondoordacht. Met uitzondering van dat van Liberaal Laren is dat in geen enkel verkiezingsprogramma terug te vinden en  voor de provincie Noord-Holland natuurlijk volstrekt onbespreekbaar. Een bij voorbaat doodlopende weg dus, leuk wellicht voor de Bühne, maar per saldo op geen enkele wijze een  serieus te nemen bijdrage  aan de broodnodige vermindering van de bestuurlijke drukte in Noord-Holland noch Utrecht.

Toch nog een vraag, in het bijzonder aan de coalitiefracties en eigenlijk ook aan het College zelf: delen zij  de opvatting van Mevr. Timmerman, vandaag in de krant vermeld, dat zij  fusie van de drie BEL-gemeenten binnen de provincie Utrecht op termijn niet uitsluit?

En hoe moeten  we de toekomst van de BEL-Combinatie in dit licht opvatten. Met alle respect, zeker voor de daar werkzame ambtenbaren, als er iets duidelijk is, dat dit instituut loopt op haar laatste benen.  De Provincie zei het netjes: die vorm van ambtelijke samenwerking is “kwetsbaar “ gebleken.  Anders gezegd:  ondanks haar initiële verdiensten niet tegen de toekomstige taken opgewassen. Juist vanavond hebben we nog eens  kunnen vast stellen dat aanzienlijke investeringen nodig zullen blijken om het schip zelfs nog maar enigszins varend te houden. Nee, dat lijkt ons niet de weg die voldoende garantie biedt voor de bestuurskracht op lange termijn, die de burger mag verwachten.

In dit verband ook nog even dit: de wethouder twittert (via een retweet) dat opheffing van de BEL-Combinatie onherroepelijk tot werkloosheid van betrokken ambtenaren zal leiden. Een gotspe. Pure misleiding. Hij weet drommels goed dat er regelingen zwart op wit zijn vastgelegd die verzekeren dat in dat geval alternatieve plaatsingsmogelijkheden zijn voorzien om juist dat perspectief te vermijden.

Laten we de discussie wel zuiver houden, zou ik zeggen.

Ik moet ook uit de krant begrijpen dat nog deze week een brief op hoge poten naar de Minister zal worden gestuurd om de nieuwe konijn uit de hoge hoed van de meerderheid te presenteren. Ik vermoed dat de minister daar weinig boodschap aan zal hebben, zolang de ARHI-procedure loopt, althans op het niveau van de  Provincie. Alle reden dus eerst het ontwerp-herindelingsvoorstel van Haarlem af te wachten om vervolgens, volledig conform de voorgeschreven procedure, in het kader van de zienswijze tot conclusies te komen.

Aan die discussie zullen wij alsdan graag onze bijdrage leveren, met slechts één motief: hoe kunnen we de belangen van de burgers het beste dienen, zonder voortdurend de onderbuikgevoelens van die zelfde burgers aan te spreken?

Nico Wegter
Fractievoorzitter D66